Gesina of Geesken ter Borch (Deventer, 15 november 1631 ? gedoopt Zwolle 13 december 1631 - Zwolle, 16 april 1690) was een Nederlandse kunstenares en schrijfster van alledaagse scènes. Ze was het tweede kind uit het derde huwelijk van haar vader Gerard ter Borch (I) en Wiesken Matijs. Gesina was de (half)zus van Gerard ter Borch (II) en Moses ter Borch.
Biografie Gesina werd geboren tegen het eind van de Tachtigjarige Oorlog. De familie was eerst katholiek maar ging op een onbekend moment over tot het gereformeerde geloof. Gesina kwam uit een gezin waarin de artistieke opvoeding sterk naar voren kwam. Niet alleen haar vader Gerard ter Borch I, maar ook zijzelf en haar halfbroer Gerard ter Borch II en haar broers Harmen en Moses ter Borch maakten tekeningen die zij vervolgens in albums archiveerde. Bovendien stond Gesina met regelmaat model voor werken van haar broer Gerard. Zo is zij te zien op de volgende schilderijen:
Ze heeft haar hele leven in het ouderlijk huis aan de Sassenstraat 21 in Zwolle gewoond. Ter Borch was bevriend met Henk Jordis, een Amsterdamse koopman, maar of er een liefdesrelatie bestond is niet bekend.
Werk miniatuur|Moses ter Borch door Gerard ter Borch de jongere en Gesina ter Borch Gesina ter Borch kalligrafeerde, maakte kunstzinnige knipsels van papier, tekende met de pen en schilderde met waterverf. Ze was geen beroepskunstenaar, dat was voor vrouwen in die tijd niet gebruikelijk. Ze verzamelde bestaande, maar ook eigenhandig geschreven gedichten en liederen bestemd voor poëzie-albums en liedboeken. Ze illustreerde deze met alledaagse scènes. Zo schilderde ze vechtende of liefkozende paartjes, wordt er gedronken en gerookt ter illustratie bij een drinklied.
Ter Borch werkte ook samen met haar broer Gerard aan het postume portret van hun vroeg gestorven broer Moses. Ze maakte ook een tekening van Mozes, zoals zij zich voorstelde op de kust bij Harwich waar hij sneuvelde, met brandende schepen en een skelet -symbool van de dood - dat aankomt in een roeiboot. Ter Borgh kreeg veel te maken met de dood. In de periode dat de pest heerste in Zwolle, in 1656, tekende ze een meisje met een pop op de arm, met een skelet ernaast dat een zandloper vasthoud en een dodelijke pijl.
In 2024 kocht het Rijksmuseum in Amsterdam een tweede postume olieverfportret van Moses aan, gemaakt door Gesina alleen, van haar broertje op 2-jarige leeftijd, omringd door speelgoed dat vooruitwijst naar zijn latere dood op het slagveld.
Er zijn drie albums bekend van Gesina: een album met schoonschrift, Materi-boeck (1648); een liedboek De papiere Laure Krans (1652-1660) en een aquarel- en plakboek, Kunstboek (vanaf 1660). Het Materi-boeck was het oefenboekje dat ter Borch vulde met zelfgemaakte tekeningen.
Ter Borch nam het beheer van de familiecollectie tekeningen en documenten van haar vader over. Voor haar dood droeg ze dat over aan haar zus. De collectie bleef in de familie tot 1886. Op de veiling van Frederik Muller kocht de Vereniging Rembrandt het belangrijkste deel aan en schonk dit aan het Rijksmuseum (Rijksprentenkabinet) in Amsterdam. Daardoor bestaat er een goed inzicht in de werkmethoden, wijzen van onderricht, smaak van verzamelen en reacties op eigentijdse kunst van een kunstzinnige, welgestelde familie uit de Gouden Eeuw.
Externe links Gesina ter Borch in: Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland. Gesina's werk in het Rijksmuseum.
Referenties
Categorie:Nederlands tekenaar Categorie:Nederlands schrijver Categorie:17e-eeuws schrijver Categorie:Persoon in de Nederlanden in de 17e eeuw