Marie-Casimire-Louise de La Grange d'Arquien (Pools: Maria Kazimiera d'Arquien of kort "Marysieńka"), (Nevers, 28 juni 1641 - Blois, 30 januari 1716) was koningin van Polen tijdens haar huwelijk met koning Jan III Sobieski in de periode 1674-1696.

Levensloop Marie-Casimire en haar zus waren de enige overlevende kinderen van Henri de la Grange d'Arquien, een Franse edelman. Ze kwam naar Polen op vijfjarige leeftijd als een hofdame van Maria Ludovica Gonzaga (1645-1672), de in Frankrijk geboren koningin van Polen, (vrouw van twee Poolse koningen, Wladislaus Wasa en later zijn broer Jan II Kazimierz Waza). Aan het hof ontmoette ze in 1656 Jan Sobieski, maar ze was eerst getrouwd met Jan Sobiepan Zamoyski in 1658, met wie ze vijf kinderen kreeg; echter allen stierven op jonge leeftijd. Zamoyski overleed zelf in 1665 en Marie Casimire hertrouwde met Jan Sobieski op 14 juli van hetzelfde jaar. Het echtpaar kreeg veertien (sommige bronnen zeggen vijftien) kinderen samen, maar slechts vier van hen overleefden tot een volwassen leeftijd - Jakub, Aleksander, Konstanty en Teresa (de latere keurvorstin van Beieren en moeder van Keizer Karel VII Albrecht).

Jan Sobieski werd gekozen tot koning van Polen in 1672, niet geheel zonder de invloed van zijn vrouw. Als de koningin van Polen, steunde Marie Casimire de voorgestelde Pools-Franse alliantie, tegelijkertijd pleitte zij voor meer rechten voor haar familie bij de Franse koning Lodewijk XIV.

Het koninklijk paar werd beroemd door hun bewaard gebleven liefdesbrieven,brieven van Jan Sobieski en Marysieńka waarvan de meeste werden geschreven in de periode 1665-1683, op momenten dat zij waren gescheiden van elkaar, hetzij als gevolg van militaire verplichtingen van Jan Sobieski of haar vele reizen naar Parijs. De brieven geven een inzicht niet alleen in de gevoelens van het verliefde paar, maar ook hun reflecties over hedendaagse thema's en problemen, evenals alledaagse zaken met betrekking tot de hofhouding en beslissingen van de monarch, die zijn vrouw vaak geconsulteerde over deze zaken.

Na de dood van haar echtgenoot in 1696 zag ze zich gedwongen Polen te verlaten. Ze verbleef enkele jaren in Rome alvorens terug te keren naar Frankrijk. Koning Lodewijk XIV van Frankrijk was weinig opgezet met haar komst en bood haar een van zijn Loire-kastelen aan om haar ver weg van Parijs te houden. In 1714 nam Marie Casimire haar intrek in het kasteel van Blois. Ze leefde er in stijl. Bij haar overlijden in 1716 liet ze 50.000 livres aan schulden na.

Kinderen thumb|Marie Casimire met kinderen (1684) Tijdens Marie Casimires eerste huwelijk met Jan Sobiepan Zamoyski kregen ze vijf kinderen samen, die allen stierven in hun eerste (paar) levensjaren:

Ludwika Maria (april 1659 - mei 1659). Zoon (geboren en overleden januari 1660). Katarzyna Barbara (5 december 1660 - december 1662). Jan (januari 1663- december 1665) Dochter (mei 1664 - augustus 1664).

Tijdens Marie Casimires tweede huwelijk met Jan Sobieski kregen ze veertien kinderen samen, die eveneens bijna allen stierven in hun eerste (paar) levensjaren; slechts vier kinderen behaalden de volwassen leeftijd.

Jacob Lodewijk Hendrik (1667 – 1737), kroonprins van Polen; ∞ (1691) Hedwig Elisabeth van Palts-Neuburg (1673 – 1722) een dochter (1669-1669) een dochter (1669-1669) Teresa Teofila Sobieska (1670-1670) Ludwiga Adelaida Sobieska (1671-1677) Barbelune Sobieska (1672-1677) een dochter (1673-1674) La Mannone Sobieska (1674-1675) Theresia Kunigunde Caroline (1676 – 1730); ∞ (1695) keurvorst Maximiliaan II Emanuel van Beieren (1662 – 1726) Alexander Benedictus (9 september 1677 – Rome, 19 november 1714) Constantijn Ladislaus (1 mei 1680 – Zjovkva, 28 februari 1726); ∞ (18 november 1708) Maria Józefa Wesslówna (ca 1685 – 4 januari 1762) Jan Sobieski Jr. (1683-1685) een dochter (1691-1692) een dochter (1694-1694)

Genealogie

Categorie:Partner van de koning van Polen LaGrange LaGrange Categorie:Partner van de groothertog van Litouwen